I Tjing & Management (II): Michael Colmer, “Business I Ching”

De manager die op grond van de voorkant en titel van het boek denkt een goede handleiding te vinden voor het raadplegen van de Yijing als orakel en vervolgens de achterkant leest, meent wellicht een goede koop te doen. De Yijing wordt als orakel aangeprezen, het gebruik van Chinese muntjes is zichtbaar en het suggereert een handleiding voor financieel gewin te kunnen zijn. Om ons nog meer ten dienst te staan heeft hij de 64 hexagrammen uitgebreid tot 79 uitspraken met richtlijnen. Verder lezen

I Tjing & Management (I): Dr. Joseph Wong, “I Ching Management – Mastering Chinese Business Wisdom”

Dr. Joseph Wong, geboren in 1941 in Singapore, heeft volgens de uitgever naast zijn studie civiele techniek een aantal gedegen managementopleidingen gevolgd in de USA. Hij is een ervaren internationale business consultant en belangrijke spreker op universiteiten.

Daarbij is hij succesvol in het verenigen van de Chinese wijsheidscultuur met modern business management. Hij bestudeert de I Tjing al meer dan vijftig jaar. Verder lezen

Nieuw: boekrecensies over Yijing & Management

Waarom een aparte rubriek met Yijing recensies voor het management?

De wereldwijde conjuncturele en morele crisis die in 2008 is ingezet onderscheidt zich van voorgaande. Het besef dat er zich fundamentele veranderingen beginnen te manifesteren groeit. In het Westen komt een einde aan het tijdperk dat op de Verlichting, het dualistisch denken en de Industriële Revolutie, gezamenlijk culminerend in het Kapitalisme, gebaseerd is. Stervensprocessen kosten tijd en vergen begeleiding.
De Yijing is ervoor gepredestineerd om in deze begeleiding een haar passende rol te spelen. Verder lezen

Het hart in het cyclische karakter van crises

Op dit moment hebben de kredietcrisis en de klimaatveranderingen de mondiale aandacht. Discussies hierover vinden vaak plaats in een sfeer van paniek, alsof we een nieuwe situatie het hoofd moeten bieden waar we geen ervaring mee hebben. De oude Chinezen zouden meewarig hun hoofd schudden als ze de westerse mens zo in bedrijf zouden zien: de daoïsten van weleer zouden zich niet zo druk maken over uiterlijke globale tendensen maar eerder bij zichzelf te rade gaan. Verder lezen

Recensie: Jaap Voigt, Leven en Werken in het Ritme van de Seizoenen

In het China van 100 v.Chr. werd er een koppeling gemaakt tussen de I Tjing en de maanden van het jaar. In zijn nieuwste boek, met prachtige foto’s van Hapé Smeele, geeft Jaap Voigt dit systeem een praktische waarde waar de oude Chinezen nog wat van zouden kunnen leren. Daarnaast worden andere hexagrammen toegevoegd, als aanvullende lagen op dit systeem. In deze recensie wordt niet alleen de inhoud van Jaap Voigt z’n boek behandeld, maar wordt tevens geprobeerd de achtergrond te schetsen van de systemen die de peilers vormen van zijn werk. Deze achtergrond wordt niet altijd in het boek genoemd, en kennis ervan kan meer duidelijkheid scheppen over de toepassingsmogelijkheden van deze eeuwenoude ordening. Verder lezen

Recensie: René Jelsma, Het I Tjing Antwoordenboek

jelsma.jpgWie mij kent weet dat ik zelden weg ben van Yijing-interpretaties. Ik zie liever dat de gebruiker werkt met een vertaling, zodat de oorspronkelijke beeldtaal zo goed als mogelijk bewaard blijft en de getoonde tekst dicht bij het Chinese origineel ligt. Interpretaties zijn voor luiaards. Als je niet de moeite neemt om de Yijing in zijn oorspronkelijke vorm te begrijpen, dan is het boek niet voor jou weggelegd. Het is makkelijk om de tekst van de Yijing te vervangen door een gemakkelijk te begrijpen stukje proza, maar orakels horen per definitie min of meer raadselachtig te zijn, zodat dezelfde zinssnede een andere betekenis krijgt naar gelang de situatie. Als de Yijing zegt “Als drie mensen samen reizen, zal er een afvallen. Als een mens alleen reist vindt hij een kameraad” (41-3), dan verschilt de betekenis per situatie – het hoeft tenslotte niet altijd over personen te gaan. Het gaat hier om een metafoor, die heel algemeen gezegd inhoudt: ‘teveel is minder dan genoeg’. Maar ook dit is weer mijn interpretatie, en beter is het aan de gebruiker over te laten wat de betekenis is van een zin: hij weet als geen ander welke subtiele werkingen er aan de gang zijn, al dan niet bewust. De kunst is natuurlijk deze werkingen boven tafel te krijgen, maar daar kan de Yijing je juist mee helpen – vermits je een vertaling hebt met de oorspronkelijke beeldtaal, en niet uitsluitend een interpretatie. Verder lezen

Wat vragen over de Kang Xi-editie beantwoord

Richard Wilhelm schrijft in zijn inleiding dat zijn Yijing-vertaling is gebaseerd op de editie zoals die tijdens keizer Kang Xi (1662 – 1723) tot stand kwam: de Zhouyi Zhezhong, ‘de Zhouyi volgens het gouden midden’. ‘Zhouyi’ is de oude naam van de Yijing, ‘zhezhong’ betekent zoveel als ‘de middenweg’, ‘compromis’. Ook James Legge schrijft dat zijn vertaling op deze editie is gebaseerd. Er zijn nog wel eens wat misverstanden over de inhoud van deze ‘paleiseditie’; zo merkte iemand eens op dat dit boek álle commentaren vanaf de Han-dynastie (206 v. Chr.) t/m de tijd van Kang Xi bevatte. Dat is nogal overdreven, want dat zou een boek produceren van vele honderden delen. Het is echter wél zo dat in dit boek stukken van de belangrijkste commentaren zijn opgenomen. Verder lezen

De Vraag

Ik krijg regelmatig de vraag “Is het nou echt nodig om een vraag te hebben als je de Yijing raadpleegt? Bij Tarot hoeft dat niet, dan kan je gewoon de kaarten leggen zonder een vraag.”

De Yijing werkt toch iets anders. Om dat uit te leggen duiken we even in de Chinese cultuur.

Yin en yang
Het dualisme vormt de basis van het Chinese wereldbeeld. Het beginsel dat het universum, maar ook elk onderdeel daarvan valt op te delen in een yin- en een yang-kant, is waarschijnlijk meer dan 2500 jaar oud. Yang is de actieve kracht, we vinden hem terug in alles wat beweegt, licht en creatief is. Yin is zijn tegenpool, en zij manifesteert zich in het stilstaande, donkere en zware. Yang geeft, yin neemt. Yang is de zon, en de maan is yin, die het licht van de zon ontvangt. Yang kan niet zonder yin, en andersom bestaat ook niet. Als er yin is moet er ook yang zijn, want zonder yang valt yin niet eens te benoemen.

De taal
Dit principe doordrenkt de hele Chinese cultuur. Het is verbonden met de verhoudingen tussen man en vrouw, heerser en onderdaan, leraar en leerling, mens en natuur. Ook bij deze verhoudingen kan de één niet zonder de ander. Ook in de Chinese taal is dit principe cruciaal. De gesproken taal bestaat uit losse lettergrepen, en elke lettergreep heeft zijn eigen betekenis. Het aantal lettergrepen in het Chinees is echter nogal beperkt, wat er toe leidt dat een lettergreep meerdere betekenissen heeft. Zeg tegen een Chinees ‘ma‘ en hij zal niet weten wat je bedoelt, want ‘ma‘ heeft veel betekenissen.
Bij de geschreven taal is dat niet veel anders. Het schrift kent karakters, en elk karakter heeft zijn eigen vaste set betekenissen. Bij veel karakters is de betekenis wel duidelijk – het karakter voor ‘paard’ betekent dat en niets anders, maar bij nog veel meer karakters is de betekenis niet voor de handliggend. Om werkelijk te weten welke betekenis van een karakter of lettergreep bedoeld wordt, is context nodig.

Context
Je geeft een karakter of woord context door er iets omheen te bouwen. Als ik tegen je zeg ‘bel’, dan weet je niet wat ik bedoel. Ik kan het hebben over een fietsbel, een deurbel, een luchtbel, of ik commandeer je te telefoneren: “bel!”. Het is voor jou maar raden naar mijn bedoeling. Zeg ik tegen je ‘fietsbel’, dan is het al wat duidelijker: het woord ‘bel’ heeft context gekregen. Wat ik dan met die fietsbel wil is nog steeds niet duidelijk, daar is meer context voor nodig, zoals “mijn fietsbel is kapot”.

De Yijing
Met de Yijing is het niet anders. De hexagrammen en de tekst hebben, net als de lettergrepen en karakters in het Chinees, veel betekenissen. Welke betekenis voor jou van toepassing is weet je pas als je het hexagram context geeft. Door het geven van context laat je de betekenis oplichten die voor jou van toepassing is. En die context verleen je door het stellen van een vraag. Vraag en antwoord zijn elkaars context, zij zijn elkaars yin en yang. Zonder de vraag is de Yijing zeker niet minder interessant, maar worden de antwoorden algemener en moeilijker te duiden. Zonder vraag is het aan jóu om te bepalen op welk facet van je leven het antwoord betrekking heeft: jíj bepaalt de context. Mét vraag hoef je die keuze niet te maken. Daarom is de Yijing raadplegen met een vraag de beste start voor beginnende Yijingers. Ben je wat meer thuis in de Yijing en hoe je de antwoorden kan interpreteren, dan kan je dit uitgangspunt geleidelijk loslaten. Zie over de voordelen van het raadplegen zónder vraag dit artikel in m’n oude weblog.

Chuppies

(Deze column heeft eerder, in iets gewijzigde vorm, gestaan in het blad Genoeg okt. 1998.)

Wie door China trekt, en grote steden als Beijing of Shanghai aandoet, loopt vroeg of laat gegarandeerd tegen een chuppie aan. En wie er op gaat letten ziet ineens overal chuppies: je ziet ze op het terras, in het Westers aandoende winkelcentrum, en in de discotheek. We hebben het hier niet over de befaamde lolly die een soortgelijke naam draagt, hoewel er wel enige overeenkomst is: net als het snoepgoed zijn chuppies doorgaans opvallend gekleed en liggen ze goed in de markt. Een chup is de Chinese yup van vandaag. Want wat twintig jaar terug niet kon, niet mocht en werd afgekeurd, is vandaag de nieuwste rage: laten zien dat je met bakken geld verdient. Rijkdom is in. Dat op zich is niets nieuws, want een Chinees en geldelijk gewin, dat is als de fortune-cookie met de wijze spreuk – het zit er in gebakken. De God die het meeste wordt vereerd in de Chinese huishoudens is Cai-shen, de god van de rijkdom, er is geen woning in China waar hij ontbreekt. Tot 1912, het jaar dat de laatste dynastie omver werd geworpen en het Verenigde Keizerrijk een republiek werd, was voor veel lagen van de bevolking rijk worden de normaalste zaak van de wereld, hoewel dit natuurlijk niet voor iedereen was weggelegd en dan ook doorgaans met afgunst werd bekeken. Maar het mócht, en niemand die je tegenhield. Tot het communisme zijn intrede deed, want in die doctrine past geen persoonlijk bezit, laat staan geld verdienen als water. Als men wist wie het had pakte men het van ze af, en wie het had terwijl niemand het wist hield wijselijk z’n mond. En zo deed men alsof iedereen even rijk was. Maar het communisme is op z’n retour, en de oude materiële waarden van vroeger zijn weer uit de kast gehaald: er is ruimte voor de Chinese yup. Wie China altijd zag als het land van de hogere spirituele waarden, kale mediterende monniken, pittige Pekingeend en scherpe naalden, ziet niet iets wat er niet is. Maar het is maar één kant van het land, en wie beter kijkt ziet dat er achter deze dunne sluier een harde wereld verborgen ligt die draait om één ding: geld. En dat is logisch, want voor 90% van de bevolking is geld een schaars goedje, zeker nu de staat steeds minder uitdeelt en iedereen langzaamaan geacht wordt voor zichzelf te zorgen. De chuppie heeft dat goed in z’n oren geknoopt en de kunst afgekeken van het Westen, want jeetje, wat kunnen wij tussen alle voetbal-vechtpartijen en Air Miles-Bonus-Kredietkaarten goed voor onszelf zorgen. We kunnen de chup wat dat betreft niets verwijten.

Maar jammer vind ik het wel een beetje. Want de filosofische kant van China komt nu ook weer wat in het gedrang. Die leerde de mens spaarzaamheid, tevreden zijn met genoeg. In de geschriften van Zhuangzi lezen we over Yuan Xian, een spaarzaam geklede man, die in een hutje woonde vol met kleine ongemakken: een lekkend dak, een kapot raam, dat soort dingen. Confucius, toen in redelijk goeden doen, ging eens bij hem langs, maar keek verschrikt naar de staat van zijn kleding en behuizing: “Ach meester, wat ben je betreurenswaardig in deze toestand!”. Maar Yuan Xian antwoordde: “Ik heb gehoord dat wie geen geld heeft armoedig is, en dat wie niet in staat is wat hij geleerd heeft, in de praktijk uit te oefenen, betreurenswaardig is. Welnu, ik ben misschien armoedig, maar niet betreurenswaardig”.

Ik ben toch een beetje bang dat de chup straks is vergeten wie Yuan Xian was.